muten

werkw.
Afbreekpatroon:  'mu - ten
Herkomst:  «Engels
Vervoegingen:  mutete (verl.tijd )
Vervoegingen:  gemutet (volt.deelw.)

het geluid uitschakelen
Voorbeeld:  `de muziek muten tijdens een telefoongesprek`


Deze woorden eindigen op muten:
commuten