de meter

zelfst.naamw. (m.)
Uitspraak:  ['metər]
Verbuigingen:  meter|s (meerv.)

1) eenheid van lengte, 100 centimeter
Voorbeeld:  `twee meter lang en bijna een meter breed`
voor geen meter  (helemaal niet)

2) apparaat dat iets meet
Voorbeeld:  `hoogtemeter`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
doopmoe doopmoeder meetinstrument meetlat peettante

Taaladvies
Lopende meter / strekkende meter: Is lopende meter correct?

Intensiveringen
Uitdrukkingen die meter betekenen (waarin het woord zelf niet voorkomt):
voor geen meter;

12 definities op Encyclo
  1. grote stap, 100 centimeter vb: het huis was vijf meter breed apparaat om te meten vb: de gasmeter meet hoeveel gas je gebruikt vrouw die optreedt als beschermer van een k...
  2. Meter= 1-40.000.000 deel v.d. aardomtrek gemeten via de polen. Onder Lodewijk XVI werd in Frankrijk de start gemaakt die leidde tot de invoering van de meter. De omtrek v...
  3. afkorting: m Groepen: SI-eenheden , afstandsmaten Maat voor de afstand.
  4. Let op: Spelling van 1858 zie Mètre
  5. Doopmoeder of peettante. Zie: doopbeloften, doopsel.
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met meter:
meter per secondemeterkastmeteropnemermeteropnemersmetersmetershoogmeterspoormeterstanden

Deze woorden eindigen op meter:
autokilometerbarometercentimeterchronometerdecimeterdiametergraadmeterhectometerhoogtemeterkilometerkoortsthermometermillimeterlandmeterareometerparameterwindmeterparkeermetervortexdebietmeterdebietmeterspiegelgalvanometer

Herkomst volgens etymologiebank.nl
  1. meter (doopmoeder)
  2. meter (maat)


Hoe bekend is het woord?
Uit onderzoek van het Centrum voor Leesonderzoek blijkt dat alle Nederlanders en Vlamingen het woord `meter` kennen.