manbaar
bijv.naamw.
| Verbuigingen: | manbaarder |
| Verbuigingen: | manbaarst |
1) van een vrouw dat ze geschikt is om te huwen;
van een man dat hij geschikt is om te huwen 2) mannnelijk, manhaftig Bron: WikiWoordenboek.
2 definities op Encyclo
- 1) Nubiel 2) Huwbaar
- huwbaar; geslachtsrijp
Toon uitgebreidere definitiesHerkomst volgens etymologiebank.nl
manbaarVraag & Antwoord voor je slimme speaker
Wat betekent manbaar?
'van een vrouw dat ze geschikt is om te huwen;
van een man dat hij geschikt is om te huwen' en 'mannnelijk, manhaftig'
Hoe spel je manbaar?
manbaar spel je M A N B A A R Op andere websites
Zoek manbaar in het
Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek manbaar op
Google
Zoek manbaar op
Woordenlijst.org
Zoek manbaar in de woordenboeken van het
Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek manbaar op
Wikipedia