de luistervaardigheid

zelfst.naamw. (v.)
Uitspraak:  [lœystər'vardəxhɛit]
Verbuigingen:  luistervaardig|heden (meerv.)

het kunnen herkennen van betekenis en bedoeling in gesproken taal
Voorbeeld:  `Taalontwikkeling van heel jonge kinderen komt neer op spreek- en luistervaardigheid; lezen en schrijven komen pas later aan bod.`

© Kernerman Dictionaries.