de lesplank

zelfst.naamw. (m.)
Uitspraak:  ['lɛsplɑŋk]
Verbuigingen:  lesplankje (verkleinwoord)

drijvend plankje van schuimrubber gebruikt voor zwemlessen Sport
Voorbeelden:  `het lesplankje komt in vele vormen, maar is meestal rechthoekig.`,
`Een `flexibeam` is een lange, buisvormige variant van het lesplankje`