I krimp

bijv.naamw.

''(van vis)'' kort na de vangst levend gesneden voor conservering
Voorbeelden:  `Krimp Kabeljauw, per pond 40 ct.`,
`Men onderscheidt ze in Krimp vis, Gezette vis, en Drenkeling.`


II de krimp

zelfst.naamw. (m.)
Verbuigingen:  krimpje

1) vermindering van omvang
Voorbeeld:  `En in de afgelopen jaren hebben de Zweden al veel moeten slikken: de economie zat in een stevige krimp, het sociale vangnet functioneerde minder dan men had gedacht en de werkloosheid liep sterk op.`

2) teken dat men onder de indruk is ''(meestal ontkennend gebruikt om aan te geven dat iemand iets lijkt te negeren)''
Voorbeeld:  `De jongen die haar had geslagen, riep tegen de vrouw dat hij geld wilde hebben, maar de vrouw gaf geen krimp doch sloeg de jongen onmiddellijk met een klomp op zijn hoofd.`

3) taps toelopende ruimte tussen twee wanden

4) # ruimte waarin het scheprad van een watermolen is bevestigd


Bron: WikiWoordenboek.

Synoniemen
krimping

Spreekwoorden en zegswijzen
• geen krimp geven (=niet opgeven)
Naar de spreekwoorden

12 definities op Encyclo
  1. GEEN KRIMP GEVEN: bij een vlaag niet krimpen, oploeven. U>
  2. Het tegenovergestelde van groei. Hierdoor kan het omgekeerde van een sneeuwbaleffect ontstaan in een gebied waar bedrijven en mensen gaan wegtrekken.
  3. Krimp is de relatieve vermindering van het volume van de grond veroorzaakt door uitdroging eventueel met scheurvorming.
  4. insnijding, inspringend muurwerk
  5. Vorm van maaivelddaling. Krimp treedt op in het ontwaterde deel van een veen- of kleibodem en wordt veroorzaakt doordat water uit het profiel verdwijnt door verdamping en...
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met krimp:
krimp inkrimp ineenkrimpenkrimptkrimptang

Herkomst volgens etymologiebank.nl
krimp

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 99% van de Nederlanders en 96% van de Vlamingen het woord `krimp`.