kortsluiten

werkw.
Uitspraak:  ['kɔrtslœytə(n)]
Vervoegingen:  sloot kort (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft kortgesloten (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen

bespreken of overleggen met (andere betrokkenen)
Voorbeelden:  `Bij problemen onmiddellijk kortsluiten, dat is altijd het beste.`,
`We zullen dit even kortsluiten met de thuiszorg, dan kan uw moeder volgende week weer naar huis.`

© Kernerman Dictionaries.

4 definities op Encyclo
  1. 1) Afstemmen op elkaar
  2. [asielrecht] als de rechter met de uitspraak op de voorlopige voorziening direct uitspraak doet in het beroep. (bron: Min. Jus.) Zie ook doorpakken be…
  3. [bestuursrecht] bevoegdheid van de rechter om naar aanleiding van de behandeling van een verzoek om een voorlopige voorziening onmiddellijk uitspraak …
  4. [advocatuur] communicatie tussen verschillende partijen waarbij een afspraak wordt vastgelegd of informatie wordt uitgewisseld…
Toon uitgebreidere definities

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 100% van de Nederlanders en 98% van de Vlamingen het woord `kortsluiten`.