de kluif

zelfst.naamw. (m./v.)
Uitspraak:  [klœyf]
Verbuigingen:  kluiven (meerv.)

1) stuk bot met vlees
Voorbeeld:  `De hond ligt op een kluif te bijten.`

2)
een hele kluif hebben aan  (veel of moeilijk werk moeten doen voor) `Ik had er een hele kluif aan om het probleem op te lossen.`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
karwei

Spreekwoorden en zegswijzen
• ergens een hele kluif aan hebben (=er een heel probleem aan hebben)
Naar de spreekwoorden

3 definities op Encyclo
  1. Let op: Spelling (deels) uit 1864: v. (B.m.), (...ven), klaauw; grijper, vuist; groot been, [figuurlijk] vervelend -, praatziek wijf, dat is een regte -. ~BEENTJE, (B. -N...
  2. 1) Been 2) Been met vlees er aan 3) Been voor de hond 4) Beentje waar vlees aan zit 5) Bonk 6) Bot 7) Bot met enig vlees 8) Bot met vlees eraan 9) Bot met wat vlees rondo...
  3. bot met vlees Jaar van herkomst: 1710 (WNT )
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met kluif:
kluif afkluiffokkluift

Herkomst volgens etymologiebank.nl
kluif (bot met vlees)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 100% van de Nederlanders en 98% van de Vlamingen het woord `kluif`.