de klokslag

zelfst.naamw. (m.)
Uitspraak:  ['klɔkslɑx]
Verbuigingen:  klokslag|en (meerv.)

keer dat een klok op het hele uur een belgeluid laat horen
klokslag drie uur  (precies om drie uur) `Klokslag drie uur begon de wedstrijd.`

© Kernerman Dictionaries.

1 definitie op Encyclo
  1. 1) Het slaan van een uurwerk 2) Klok 3) Precies op tijd 4) Precies tijdstip
Toon uitgebreidere definities

Hoe bekend is het woord?
Uit onderzoek van het Centrum voor Leesonderzoek blijkt dat alle Nederlanders en Vlamingen het woord `klokslag` kennen.