de kletsmeier

zelfst.naamw. (m.)
Afbreekpatroon:  klets - mei - er
Verbuigingen:  kletsmeiers (meerv.)

iemand die graag praat
Voorbeeld:  `De buurvrouw is een enorme kletsmeier, ze weet ook altijd de laatste nieuwtjes te vertellen.`
Synoniemen:  kletskous, babbelkous, leuteraar,


Synoniemen
leuteraar slijmerd

1 definitie op Encyclo
  1. 1) Babbelaar 2) Babbelkous 3) Daas 4) Dwaas 5) Iemand die veel kletst 6) Kakel 7) Kletskop 8) Kletsmajoor 9) Leuteraar 10) Onnozel 11) Onwijs 12) Praatjesmaker 13) Rabbel...
Toon uitgebreidere definities

Herkomst volgens etymologiebank.nl
kletsmeier

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 84% van de Nederlanders en 57% van de Vlamingen het woord `kletsmeier`.