de kegel

zelfst.naamw. (m.)
Uitspraak:  [ˈkexəl]
Verbuigingen:  kegel|s (meerv.)

1) houten voorwerp met ongeveer de vorm van een fles
Voorbeeld:  `met een bal kegels omgooien bij het bowlen`

2) adem die naar alcohol stinkt
Voorbeeld:  `een kegel hebben`

3) vorm met een cirkel als bodem waarvan de wand in een punt uitloopt wiskunde
Voorbeeld:  `kegelsnede`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
alcolholadem pilon

Spreekwoorden en zegswijzen
• onze lieve heer is aan het kegelen (=het onweert)
Naar de spreekwoorden

15 definities op Encyclo
  1. • [wiskunde] een meetkundig lichaam met een cirkel als grondvlak en uitlopend in een punt. •het beroerde gevoel na een te grote hoeveelheid drank.
  2. onwettig kind
  3. Let op: Spelling van 1858 bij de lettergieters, de bewegelijke ruimte, welke den vorm eener letter insluit, om de letters in de vereischte grootte te gieten; alsmede het ...
  4. Let op: Spelling (deels) uit 1864: m. (-s), overeind staand langwerpig kantig of rond lichaam; [in de meetkunde] ) een geknotte -; zeker spel, met -s spelen, de -s opzett...
  5. Let op: Spelling van 1914 Zie BOTANISCH ONDERZOEK.
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met kegel:
kegel omkegelbaankegelbanenkegeldekegeldenkegelenkegelskegelslakkegelsnedekegelsnedenkegelspelkegelspellenkegeltkegelvlakken

Herkomst volgens etymologiebank.nl
kegel (bepaald meetkundig lichaam, conus)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 99% van de Nederlanders en 100% van de Vlamingen het woord `kegel`.