vergoeden - Voorbeeld: ‘En seffens was er (geld) genoeg om de bestolenen schikkig in te staan’
ervoor zorgen dat het zeker is vb: ik kan er niet voor instaan dat de bank er op tijd is ik sta ervoor in [ik zorg ervoor] ik sta niet voor de gevolgen in [reken er maar op dat het slecht af kan lopen] dan sta ik niet voor mezelf in [dan kon ik wel eens erg driftig worden]
1) Borg staan 2) Aandrijven 3) Garanderen 4) Responderen 5) Waarborgen 6) Reponderen 7) Waarborg geven 8) Verantwoordelijk zijn 9) Borg blijven 10) Borg zijn