immuun

bijv.naamw.
Uitspraak:  [ɪˈmyn]

1) als je een ziekte niet meer kunt krijgen
Voorbeeld:  `Ik ben immuun voor mazelen.`
Antoniem:  vatbaar
Synoniem:  resistent

2) als je ongevoelig bent (voor iets)
Voorbeeld:  `immuun worden voor oorlogsbeelden doordat je ze iedere dag op televisie ziet`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
onschendbaar onvatbaar resistent

11 definities op Encyclo
  • • [medisch] onvatbaar.
  • niet vatbaar zijn voor ziekte vb: die prik maakt je immuun voor mazelen immuun voor beledigingen [je er niet door laten raken]
  • 1) Bestand tegen 2) Geen gevoel voor 3) Niet ontvankelijk 4) Niet vatbaar 5) Niet vatbaar voor infecties 6) Niet vatbaar voor ziekte 7) Ongevoelig 8) Ongevoelig voor 9) O...
  • Engels:Immune onvatbaar
  • Mensen kunnen voor tovenarij immuun worden gemaakt, dat wil zeggen dat ze onkwetsbaar en onoverwinnelijk worden. Zie ook Beschermingstips.
  • Toon uitgebreidere definities

    Deze woorden beginnen met immuun:
    immuundeficiëntieimmuunreactieimmuunsysteem

    Deze woorden eindigen op immuun:
    auto-immuun

    Herkomst volgens etymologiebank.nl
    immuun (onschendbaar; niet vatbaar)