de huiskring
zelfst.naamw. (m.)
1) kleine groep gelovigen die een deel uitmaken van een gemeente 2) de huiselijke kring Bron: WikiWoordenboek.
1 definitie op Encyclo
- de mensen met wie men samen een huishouden vormt; het gezin thuis bij een kerk aangesloten groep die bij iemand thuis bijeenkomt om zich bezig te houden met vragen over de gemeente en de Bijbel; Bijbelkring aan huis
Toon uitgebreidere definitiesVraag & Antwoord voor je slimme speaker
Is het 'de huiskring' of 'het huiskring'?
Het is 'de huiskring', want huiskring is mannelijk. Als je het aanwijst is het 'die huiskring'.
Wat betekent huiskring?
'kleine groep gelovigen die een deel uitmaken van een gemeente' en 'de huiselijke kring'
Hoe spel je huiskring?
huiskring spel je H U I S K R I N G Op andere websites
Zoek huiskring in het
Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek huiskring op
Google
Zoek huiskring op
Woordenlijst.org
Zoek huiskring in de woordenboeken van het
Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek huiskring op
Wikipedia