houden voor
werkw.
| Uitspraak: | [ˈhɑudə(n) vor] |
| Afbreekpatroon: | hou·den voor |
| Vervoegingen: | hield voor (verl.tijd enkelv.) |
| Vervoegingen: | heeft gehouden voor (volt.deelw.) |
denken dat iemand een bepaalde persoon is | Voorbeelden: | `Ik hield hem voor een praatjesmaker.`, `Zijn ouders hielden hem voor een genie.` | |
| Synoniem: | aanzien voor |
Vraag & Antwoord voor je slimme speaker
Wat is de verleden tijd van houden voor?
De verleden tijd van houden voor is 'hield voor'. Het voltooid deelwoord is 'heeft gehouden voor'.
Wat betekent houden voor?
'denken dat iemand een bepaalde persoon is'
Hoe spel je houden voor?
houden voor spel je H O U D E N Spatie V O O R Op andere websites
Zoek houden voor in het
Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek houden voor op
Google
Zoek houden voor op
Woordenlijst.org
Zoek houden voor in de woordenboeken van het
Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek houden voor op
Wikipedia