heerszuchtig

bijv.naamw.
Uitspraak:  [her'sʏxtəx]

iemand die de macht wil hebben en over anderen wil beslissen
Voorbeelden:  `De Romeinen waren een heerszuchtig volk.`,
`Ze heeft een heerszuchtig vriendje.`
Synoniemen:  despotisch, bazig

© Kernerman Dictionaries.

1 definitie op Encyclo
  1. 1) Bazig 2) Begerig naar macht 3) Graag heersend 4) Heersziek 5) Strevend naar macht 6) Tiranniek
Toon uitgebreidere definities

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 96% van de Nederlanders en 97% van de Vlamingen het woord `heerszuchtig`.