de festivaldag

zelfst.naamw. (m.)
Verbuigingen:  festivaldagen

1) geheel van de onderdelen van een feestelijk evenement die op dezelfde datum plaatsvinden

2) datum waarop een feestelijk evenement plaatsvindt


Bron: WikiWoordenboek.

Vraag & Antwoord voor je slimme speaker
Is het 'de festivaldag' of 'het festivaldag'?
Het is 'de festivaldag', want festivaldag is mannelijk. Als je het aanwijst is het 'die festivaldag'.
Wat betekent festivaldag?
'geheel van de onderdelen van een feestelijk evenement die op dezelfde datum plaatsvinden' en 'datum waarop een feestelijk evenement plaatsvindt'
Hoe spel je festivaldag?
festivaldag spel je F E S T I V A L D A G

Op andere websites
Zoek festivaldag in het Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek festivaldag op Google
Zoek festivaldag op Woordenlijst.org
Zoek festivaldag in de woordenboeken van het Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek festivaldag op Wikipedia