de eenbaansweg

zelfst.naamw. (m.)
Uitspraak:  [en'banswɛx]
Verbuigingen:  eenbaansweg|en (meerv.)

weg met één rijbaan en twee rijstroken die in tegenovergestelde richting bereden worden
Voorbeeld:  `Op een eenbaansweg kun je niet inhalen.`
Synoniem:  tweebaansweg

© Kernerman Dictionaries.