dwarszitten

werkw.
Uitspraak:  [ˈdwɑrsɪtə(n)]
Vervoegingen:  zat dwars (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft dwarsgezeten (volt.deelw.)

1) lastig zijn of ergernis geven
Voorbeeld:  `Het zit me dwars dat je nog steeds niet hebt teruggeschreven.`
Synoniem:  hinderen

2) tegenwerken
Voorbeeld:  `iemand dwarszitten`

© Kernerman Dictionaries.

1 definitie op Encyclo
  • 1) Hinderen 2) Plagen 3) Sarren 4) Tegenwerken 5) Treiteren
  • Toon uitgebreidere definities