de druivelaar
zelfst.naamw. (m.)
| Uitspraak: | ['drœyvəlar] |
| Afbreekpatroon: | drui·ve·laar |
| Verbuigingen: | druivelaars (meerv.) |
struik waaraan druiven groeien | Voorbeeld: | `de karakteristieke druivelaars op de binnenplaats van museum Plantin-Moretus in Antwerpen` | |
| Synoniem: | wijnstok |
3 definities op Encyclo
- 1) Wijnstok 2) Plant
- druivenplant; druivenstruik; wijnstok
- Een Belgisch-Nederlandse term voor de wijnstok, de plant waaraan de druiven groeien.
Toon uitgebreidere definitiesVraag & Antwoord voor je slimme speaker
Is het 'de druivelaar' of 'het druivelaar'?
Het is 'de druivelaar', want druivelaar is mannelijk. Als je het aanwijst is het 'die druivelaar'.
Wat is het meervoud van druivelaar?
Het meervoud van druivelaar is 'druivelaars'. Eén druivelaar, twee druivelaars.
Wat betekent druivelaar?
'struik waaraan druiven groeien'
Hoe spel je druivelaar?
druivelaar spel je D R U I V E L A A R Op andere websites
Zoek druivelaar in het
Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek druivelaar op
Google
Zoek druivelaar op
Woordenlijst.org
Zoek druivelaar in de woordenboeken van het
Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek druivelaar op
Wikipedia