doorschuiven
werkw.
| Uitspraak: | ['dorsxœyvə(n)] |
| Afbreekpatroon: | door·schui·ven |
| Vervoegingen: | schoof door (verl.tijd enkelv.) |
1) vooruit brengen of gaan | Vervoegingen: | heeft, is doorgeschoven (volt.deelw.) |
| Voorbeelden: | `niet gespeelde wedstrijden doorschuiven naar een andere datum`, `in de bus niet doorschuiven, maar op je plaats blijven staan` | |
| Synoniem: | vooruitschuiven |
2) overdragen aan iets of iemand anders | Vervoegingen: | heeft doorgeschoven (volt.deelw.) |
| Voorbeeld: | `opdrachten doorschuiven naar je collega` | |
| Synoniemen: | delegeren, doorgeven |
Vraag & Antwoord voor je slimme speaker
Wat betekent doorschuiven?
'vooruit brengen of gaan' en 'overdragen aan iets of iemand anders'
Hoe spel je doorschuiven?
doorschuiven spel je D O O R S C H U I V E N Op andere websites
Zoek doorschuiven in het
Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek doorschuiven op
Google
Zoek doorschuiven op
Woordenlijst.org
Zoek doorschuiven in de woordenboeken van het
Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek doorschuiven op
Wikipedia