I domestiek

bijv.naamw.
Verbuigingen:  domestieker
Verbuigingen:  domestiekst

huiselijk, betrekking hebbend op de huishouding


II de domestiek

zelfst.naamw.
Verbuigingen:  domestieken

huisknecht, huisbediende, bediende


Bron: WikiWoordenboek.

1 definitie op Encyclo
  • 1) Huisknecht 2) Huisbediende
Toon uitgebreidere definities

Herkomst volgens etymologiebank.nl
domestiek (bediende)

Vraag & Antwoord voor je slimme speaker
Wat betekent domestiek?
'huiselijk, betrekking hebbend op de huishouding'
Hoe spel je domestiek?
domestiek spel je D O M E S T I E K

Op andere websites
Zoek domestiek in het Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek domestiek op Google
Zoek domestiek op Woordenlijst.org
Zoek domestiek in de woordenboeken van het Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek domestiek op Wikipedia