diffuus

bijv.naamw.
Uitspraak:  [dɪ'fys]

1) zonder duidelijke grenzen
Voorbeeld:  `De zwelling van de klier kan diffuus of gelokaliseerd zijn.`
Antoniem:  gelokaliseerd
Synoniem:  verspreid
diffuus licht  (verspreid licht zonder scherpe schaduwen)
diffuus glas  (glas dat het licht verstrooit)

2) onduidelijk
Voorbeeld:  `een diffuus betoog over normen en waarden houden, waar niemand iets van begrijpt`
Antoniem:  helder
Synoniemen:  vaag, wazig

© Kernerman Dictionaries.

16 definities op Encyclo
  1. niet goed zichtbaar of herkenbaar vb: zijn beeld op de foto was enigszins diffuus Synoniemen: vaag onbestemd niet uit één bron, maar gespreid vb: er was diffuus licht i...
  2. • [medisch] zonder scherpe begrenzing. • [natuurkunde] . In willekeurige richtingen verstrooid.
  3. Uitgebreid, zonder duidelijke afbakening
  4. Verspreid, zonder bepaalde grenzen.
  5. Verstrooid (tegengestelde van geconvergeerd). Diffuse straling kan niet worden geconvergeerd.
Toon uitgebreidere definities

Herkomst volgens etymologiebank.nl
diffuus (verspreid, vaag, onscherp)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 96% van de Nederlanders en 96% van de Vlamingen het woord `diffuus`.