degene

pronoun
Uitspraak:  [dəˈgenə]

de persoon
Voorbeelden:  `Degene bij wie je moet zijn loopt net het kantoor uit.`,
`John is degene die vandaag op de kinderen past.`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
die diegene

Taaladvies
Degene: (voor zaken) Is het correct om degene of diegene te gebruiken om naar zaken te verwijzen?

5 definities op Encyclo
  1. Let op: Spelling (deels) uit 1864: (B. DE GENE), aanw. vnw., hij of zij; - die zoo handelt is prijzenswaard.
  2. de persoon vb: hij is degene die je moet hebben
  3. •wijst een antecedent aan vóór de bepalende bijzin.
  4. 1) Aankondigend voornaamwoord 2) Aanwijzend voornaamwoord 3) Bepaald aankomend voornaamwoord 4) Bepaling aankondigend voornaamwoord 5) Bepalingaankondigend voornaamwoord ...
  5. aanwijzend voornaamwoord Jaar van herkomst: 1237 (CG I 1, 31 )
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met degene:
degeneratiedegeneratiefdégénérédégénéréedegenereerdegenereerdedegenereerdendegenereertdegenereren

Herkomst volgens etymologiebank.nl
degene (aanwijzend voornaamwoord)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 98% van de Nederlanders en 89% van de Vlamingen het woord `degene`.