de daggelder

zelfst.naamw. (m.)
Afbreekpatroon:  dag·gel·der
Verbuigingen:  daggelders (meerv.)

iemand die een of meerdere dagen werkt voor een vastgesteld loon per dag Arbeid
Voorbeeld:  `Tijdens de hooitijd werd op grote schaal gebruik gemaakt van daggelders.`
Synoniem:  dagloner; loswerkman; landarbeider


2 definities op Encyclo
  • 1) Boerenarbeider 2) Landarbeider per etmaal betaald 3) Loswerkman 4) Landarbeider 5) Dagloner 6) Arbeider 7) Werkman
  • iemand die per dag in dienst is en dagelijks uitbetaald krijgt
Toon uitgebreidere definities

Vraag & Antwoord voor je slimme speaker
Is het 'de daggelder' of 'het daggelder'?
Het is 'de daggelder', want daggelder is mannelijk. Als je het aanwijst is het 'die daggelder'.
Wat is het meervoud van daggelder?
Het meervoud van daggelder is 'daggelders'. Eén daggelder, twee daggelders.
Wat betekent daggelder?
'iemand die een of meerdere dagen werkt voor een vastgesteld loon per dag'
Hoe spel je daggelder?
daggelder spel je D A G G E L D E R

Op andere websites
Zoek daggelder in het Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek daggelder op Google
Zoek daggelder op Woordenlijst.org
Zoek daggelder in de woordenboeken van het Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek daggelder op Wikipedia