de dader

zelfst.naamw. (m.)
Uitspraak:  [ˈdadər]
Verbuigingen:  dader|s (meerv.)

iemand die iets gedaan heeft dat niet mag
Voorbeeld:  `De dader van de moord is nog niet gevonden.`
de dader ligt op het kerkhof  (<dat zeg je als niemand weet wie de dader is>)

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
zondaar

Spreekwoorden en zegswijzen
• de dader ligt op het kerkhof (=de schuldige is niet te vinden)
Naar de spreekwoorden

14 definities op Encyclo
  1. Pleger van een strafbaar feit en eventueel degene die het feit heeft uitgelokt.
  2. (Mede)pleger van een strafbaar feit of degene die het feit heeft uitgelokt.
  3. Let op: Spelling (deels) uit 1864: m. (-s), bedrijver, uitvoerder. *...DIG, [bijvoegelijk naamwoord] schuldig; hij was er aan -. *...DING, v. (-en), vergelijk, transact...
  4. iemand die iets gedaan heeft wat niet mag vb: hij is de dader van die overval
  5. (Mede)pleger van een strafbaar feit of degene die het feit heeft uitgelokt.
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met dader:
daders

Deze woorden eindigen op dader:
mededader

Herkomst volgens etymologiebank.nl
dader (bedrijver)

Hoe bekend is het woord?
Uit onderzoek van het Centrum voor Leesonderzoek blijkt dat alle Nederlanders en Vlamingen het woord `dader` kennen.