de canapé

zelfst.naamw. (m.)
Afbreekpatroon:  ca - na - 'pé
Herkomst:  Frans
Verbuigingen:  canapés (meerv.)

1) een bank om op te liggen of te zitten (meubelstuk)
Voorbeeld:  `Niet springen op de canapé, kinderen!`

2) geroosterd brood onder een ander gerecht voeding
Voorbeeld:  `De gastheer in het restaurant serveert canapé met reemousse en hamchips.`
Synoniem:  gevulde crouton


Synoniemen
bank sofa zitbank

14 definities op Encyclo
  1. Een canapé is een sneetje brood dat ontkorst is en in een mooie vorm uitgesneden. Het stukje brood kunt u dan beleggen met plakjes vlees, garnalen, gerookte zalm of besm...
  2. Een klein, smakelijk, meestal hartig hapje dat met de vingers wordt gegeten.
  3. plak geroosterd brood, broodcroûton.
  4. Let op: Spelling van 1858 rustbed, rustbank, kussenbank, slaapstoel
  5. Let op: Spelling (deels) uit 1864: m. (-s), ruststoel, kussenbank, kanapee.
Toon uitgebreidere definities

Herkomst volgens etymologiebank.nl
canapé (bank)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 90% van de Nederlanders en 96% van de Vlamingen het woord `canapé`.