butcheren
werkw.
| Afbreekpatroon: | 'but - che - ren |
| Herkomst: | Engels |
| Vervoegingen: | butcherde (verl.tijd ) |
| Vervoegingen: | gebutcherd (volt.deelw.) |
afslachten | Voorbeeld: | `de kip werd met ruwe hand en een bot mes gebutcherd` | |
Vraag & Antwoord voor je slimme speaker
Wat is de verleden tijd van butcheren?
De verleden tijd van butcheren is 'butcherde'. Het voltooid deelwoord is 'gebutcherd'.
Wat betekent butcheren?
'afslachten'
Hoe spel je butcheren?
butcheren spel je B U T C H E R E N Op andere websites
Zoek butcheren in het
Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek butcheren op
Google
Zoek butcheren op
Woordenlijst.org
Zoek butcheren in de woordenboeken van het
Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek butcheren op
Wikipedia