de bungalow

zelfst.naamw. (m.)
Uitspraak:  [ˈbʏŋgalo]
Verbuigingen:  bungalow|s (meerv.)

1) vrijstaande woning met alleen een benedenverdieping
Voorbeeld:  `een vrijstaande bungalow`

2) vakantiehuisje
Voorbeeld:  `bungalowpark`

© Kernerman Dictionaries.

10 definities op Encyclo
  1. vrijstaand huis dat alle kamers op de begane grond heeft vb: in een bungalow hoef je nooit trappen te lopen
  2. Huis waarin alle vertrekken op de begane grond liggen.
  3. [ gebouwtypologieën] Een bungalow is van oorsprong een Indiaas landhuis van één verdieping hoog en omgeven door veranda's. Tegenwoordig is een bungalow een vrijstaand ...
  4. Dit is vrijstaand woonhuis van één verdieping. Alle woonruimtes bevinden zich dus op de begane grond. Wel bevinden zich soms onder de bungalow grote kelderruimten en ee...
  5. 1) Alleenstaand huis 2) Behuizing 3) Bouwwerk 4) Buitenhuis 5) Engels landhuis 6) Gelijkvloerse woning 7) Huis 8) Huistype 9) Klein pand 10) Laag gebouw 11) Landelijk gel...
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met bungalow:
bungalowparkbungalowsbungalowtentbungalowtenten

Herkomst volgens etymologiebank.nl
bungalow (woning zonder bovenverdieping)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 99% van de Nederlanders en 99% van de Vlamingen het woord `bungalow`.