bubbelen

werkw.
Uitspraak:  ['bʏbələ(n)]
Vervoegingen:  bubbelde (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft gebubbeld (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen

bubbels maken
Voorbeeld:  `Hier en daar bubbelde het moeraswater.`

© Kernerman Dictionaries.

1 definitie op Encyclo
  1. 1) Luchtbelletjes vertonen
Toon uitgebreidere definities

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 98% van de Nederlanders en 94% van de Vlamingen het woord `bubbelen`.