de bonnefooi
zelfst.naamw. (v.)
| Uitspraak: | [bɔnə'foj] |
| Afbreekpatroon: | bon·ne·fooi |
| op de bonnefooi | (zonder voorbereiding, op goed geluk) `op de bonnefooi op vakantie gaan` |
3 definities op Encyclo
- 1) Op goed geluk
- goed geluk Jaar van herkomst: 1863 (KKU )
- Spreekwoorden: (1914) Op de bonnefooi, d.w.z. in goed vertrouwen (lat. bona fide), op goed geluk; ontleend aan het fr. à la bonne foi. Bij Servilius, 165 vinden wij opgeteekend al boone fooi te werke gaen, rectam ingredi viam, waar dus niet aan foi (lat. fidem), maar aan voie (weg) gedacht wordt2). Onz...
Toon uitgebreidere definitiesHerkomst volgens etymologiebank.nl
bonnefooi (goed geluk)Taaladvies
Waar komt
op de bonnefooi vandaan?
Zie Op de bonnefooiVraag & Antwoord voor je slimme speaker
Is het 'de bonnefooi' of 'het bonnefooi'?
Het is 'de bonnefooi', want bonnefooi is vrouwelijk. Als je het aanwijst is het 'die bonnefooi'.
Hoe spel je bonnefooi?
bonnefooi spel je B O N N E F O O I Op andere websites
Zoek bonnefooi in het
Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek bonnefooi op
Google
Zoek bonnefooi op
Woordenlijst.org
Zoek bonnefooi in de woordenboeken van het
Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek bonnefooi op
Wikipedia