de boerenkool

zelfst.naamw. (m./v.)
Uitspraak:  [burə(n)ˈkol]
Verbuigingen:  boeren|kolen (meerv.)

groene wintergroente
Voorbeelden:  `boerenkool met worst`,
`boerenkoolstamppot`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
kool

Intensiveringen
Hoe kun je met boerenkool een ander begrip versterken?
Hollands als boerenkool; Nederlands als boerenkool;

8 definities op Encyclo
  1. •een kool met sterk gekrulde bladeren. •een stamppot van boerenkool met aardappelen.
  2. Latijnse naam: BRASSICA OLERACEA L. var. ACEPHALA var. REFLEX, Familie: Chou frisèe
  3. Latijnse naam: Brassica oleracea , Engelse naam: kale, curly
  4. 1) Bladgewas 2) Boerenmoes 3) Gerecht 4) Groente 5) Kool 6) Krulkool 7) Landbouwgewas 8) Plant 9) Soort groente 10) Soort kool 11) Stamppotgroente 12) Stevige winterkost ...
  5. [gerecht] - Boerenkool of boerenkoolstamppot is een stamppotgerecht gemaakt van boerenkool. Het gerecht wordt in Nederland, grote delen van Noord-Duitsland en delen van ...
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met boerenkool:
boerenkoolstamppot

Herkomst volgens etymologiebank.nl
boerenkool (koolsoort Brassica oleracea, convar. acephala, var. sabellica)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 100% van de Nederlanders en 99% van de Vlamingen het woord `boerenkool`.