blinderen

werkw.
Uitspraak:  [blɪn'derə(n)]
Vervoegingen:  blindeerde (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft geblindeerd (volt.deelw.)

1) een blinddoek voordoen
Voorbeeld:  `geblindeerde gevangenen`

2) ondoorzichtig maken door iets erop te plakken of ervoor te zetten
Voorbeelden:  `autoruiten blinderen`,
`ramen en deuren in een huis blinderen`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
afdekken

3 definities op Encyclo
  • blindering 1. Blinderen is het ondoorzichtig maken of afschermen van een ruit, bijvoorbeeld door gebruik van een raamfolie (window-film) of het etsen van de ruit. Vaak wo...
  • kogelvrij of onzichtbaar maken Jaar van herkomst: 1865 (KVW )
  • 1) Aan het gezicht onttrekken 2) Aan het zicht onttrekken 3) Afdekken 4) Het zien beletten 5) Kogelvrij maken 6) Onzichtbaar maken 7) Pantseren
  • Toon uitgebreidere definities

    Herkomst volgens etymologiebank.nl
    blinderen (kogelvrij of onzichtbaar maken)