bijdraaien

werkw.
Uitspraak:  ['bɛidrajə(n)]
Vervoegingen:  draaide bij (verl.tijd enkelv.)

1) minder humeurig of koppig worden
Vervoegingen:  is bijgedraaid (volt.deelw.)
Voorbeeld:  `Laat hem maar even, hij draait wel bij.`

2) door draaien verplaatsen
Vervoegingen:  heeft bijgedraaid (volt.deelw.)
Voorbeelden:  `een losse moer bijdraaien`,
`je schotelantenne bijdraaien voor betere ontvangst`

© Kernerman Dictionaries.

5 definities op Encyclo
  • Def.: met gestopt schip met de wind op een zijde gaan liggen, waardoor met de andere zijde lij wordt gemaakt Toelichting: Zo kan bijvoorbeeld de loods veilig aan boord ka...
  • Met gestopt schip met de wind op een zijde gaan liggen, waardoor met de andere zijde lij wordt gemaakt en bijvoorbeeld de loods veilig aan boord kan komen.
  • Spreekwoorden: (1914) Bijdraaien. Onder bijdraaien, hd. beidrehen, verstaat men in eig. zin ‘de zeilen zoo stellen dat sommige wind vatten, andere tegen liggen, zoo...
  • [Mil. Woordenboek, spelling van 1861 ``Bijdraaijen;``] door eene juiste stelling der zeilen, een zeilschip op de plaats stil laten liggen, zonder ten anker te komen. Men ...
  • 1> de koers veranderen, met de bedoeling een ander, varend, schip te kunnen praaien, dan wel daarbij langszij te komen. 2> de koers veranderen met het doel een ander schi...
  • Toon uitgebreidere definities

    Herkomst volgens etymologiebank.nl
    bijdraaien