bezinnen

werkw.
Uitspraak:  [bəˈzɪnə(n)]
Afbreekpatroon:  be·zin·nen
Vervoegingen:  bezon (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft bezonnen (volt.deelw.)

nadenken
Voorbeeld:  `zich bezinnen op/over de toekomst`
Bezint eer gij begint.  (denk goed na voor je iets doet)


Synoniemen
nadenken   

5 definities op Encyclo
  • • [refl] "zich ~ op, over" opnieuw ergens over nadenken. • [inerg] tijd nemen om na te denken. • tweede betekenisomschrijving • enz.
  • ergens over nadenken vb: hij bezint zich op plannen voor de nieuwbouw bezint eer ge begint [je moet eerst nadenken, voor je iets gaat doen]
  • 1) Goed nadenken 2) Mediteren 3) Roemen 4) Overdenken 5) Diep nadenken 6) Beraden 7) Nadenken
  • nadenken
  • nadenken Jaar van herkomst: 1477 (Teuth. )
Toon uitgebreidere definities

Herkomst volgens etymologiebank.nl
bezinnen (nadenken)

Vraag & Antwoord voor je slimme speaker
Wat is de verleden tijd van bezinnen?
De verleden tijd van bezinnen is 'bezon'. Het voltooid deelwoord is 'heeft bezonnen'.
Wat betekent bezinnen?
'nadenken'
Hoe spel je bezinnen?
bezinnen spel je B E Z I N N E N
Wat is een ander woord voor bezinnen?
Een ander woord bezinnen is nadenken.

Op andere websites
Zoek bezinnen in het Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek bezinnen op Google
Zoek bezinnen op Woordenlijst.org
Zoek bezinnen in de woordenboeken van het Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek bezinnen op Wikipedia