betuttelen

werkw.
Uitspraak:  [bə'tʏtələ(n)]
Vervoegingen:  betuttelde (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft betutteld (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen

ongevraagd zeggen wat iemand moet doen, kleine dingen voor iemand regelen
Voorbeelden:  `je niet laten betuttelen`,
`bejaarden betuttelen`
Synoniem:  bedillen

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
bedillen bevoogden

2 definities op Encyclo
  1. kleine verbeteringen aanbrengen Jaar van herkomst: 1632 (WNT wezen II )
  2. 1) Bedillen 2) Beleren 3) Bevoogden 4) Verregaand regelen
Toon uitgebreidere definities

Herkomst volgens etymologiebank.nl
betuttelen (klein geestig e aanmerkingen maken, bedillen)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 99% van de Nederlanders en 100% van de Vlamingen het woord `betuttelen`.