berusten op

werkw.
Uitspraak:  [bəˈrʏstə(n) ɔp]
Vervoegingen:  berustte op (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft berust op (volt.deelw.)

gebaseerd zijn op
Voorbeelden:  `op een fout berusten`,
`De theorie berust op empirisch onderzoek.`,
`Die bewering berust nergens op.`

© Kernerman Dictionaries.