beducht

bijv.naamw.
Uitspraak:  [bə'dʏxt]

beseffend dat iets je bedreigt
Voorbeelden:  `beducht om uit te glijden`,
`beducht zijn op iets`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
bang

5 definities op Encyclo
  1. Let op: Spelling (deels) uit 1864: [bijvoegelijk naamwoord] bevreesd, bekommerd; voor iets of [iemand] - zijn;
  2. bevreesd Jaar van herkomst: 1539 (HWS )
  3. •"~ voor: bewust van dreigend onheil •: "De voor uitglijden 'beduchte' oude man schuifelde voorzichtig over het ijs."
  4. [Nederlands] bang
  5. 1) Angstig 2) Bang 3) Benauwd 4) Bevreesd 5) Vervaard
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met beducht:
beduchtheid

Herkomst volgens etymologiebank.nl
beducht (bevreesd)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 97% van de Nederlanders en 95% van de Vlamingen het woord `beducht`.