I het basketbal

zelfst.naamw.
Uitspraak:  ['bɑ:skədbɑl]

balsport waarbij twee teams van 5 spelers de bal in andermans basket (1) proberen te werpen
Voorbeeld:  `basketbal spelen`


II de basketbal

zelfst.naamw. (m.)
Uitspraak:  ['bɑ:skədbɑl]
Verbuigingen:  basketbal|len (meerv.)

bal waarmee je basketbal (1) speelt
Voorbeeld:  `de basketbal in de basket mikken`

© Kernerman Dictionaries.

8 definities op Encyclo
  1. bal waarmee je basketbal speelt vb: hij gooide de basketbal naar me toe
  2. spel waarbij je een bal door de ring van de tegenpartij moet gooien vb: we spelen elke avond een potje basketbal
  3. basketball Ruimere term: zaalbalspelen Categorie: Lichamelijke Activiteiten > zaalbalspelen.
  4. Balsport. Drenthe beleefde in Meppel en Assen een aantal jaren basketbal op het hoogste niveau (eredivisie). Het in 1974 opgerichte Red Giants uit Meppel zette de opmars...
  5. •sport gespeeld door twee teams van 5 spelers die punten scoren door een bal in de korf van de tegenstander te gooien. (+audio)
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met basketbal:
basketbalbondbasketbaldebasketbaldenbasketballenbasketbalt

Herkomst volgens etymologiebank.nl
basketbal (balspel; bal waarmee het spel gespeeld wordt)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 100% van de Nederlanders en 99% van de Vlamingen het woord `basketbal`.