babbelziek

bijv.naamw.
Uitspraak:  ['bɑbəlzik]

veel kletsend
Voorbeeld:  `Je moet babbelzieke mensen geen geheimen vertellen.`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
babbelachtig flapuit indiscreet kletserig kletsgraag loslippig mededeelzaam praatgraag praatziek spraakzaam

1 definitie op Encyclo
  1. 1) Al te praatlustig 2) Babbelachtig 3) Flapuit 4) Geneigd tot veel kletsen 5) Indiscreet 6) Kletserig 7) Kletsgraag 8) Loslippig 9) Mededeelzaam 10) Praatgraag 11) Praat...
Toon uitgebreidere definities

Herkomst volgens etymologiebank.nl
babbelziek

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 90% van de Nederlanders en 97% van de Vlamingen het woord `babbelziek`.