de arbeider

zelfst.naamw. (m.)
Uitspraak:  ɑrbɛidər]
Verbuigingen:  arbeider|s (meerv.)

de arbeid|ster

zelfst.naamw. (v.)
Uitspraak:  ɑrbɛit|stər]
Verbuigingen:  arbeidster|s (meerv.)

man of vrouw die betaalde handarbeid verricht
Voorbeelden:  `havenarbeider`,
`fabrieksarbeider`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
arbeidskracht fabrieksarbeider klerk loonslaaf personeelslid werker werkkracht werkman bourgeois (antoniem)

Spreekwoorden en zegswijzen
arbeider in de wijngaard des heren (=geestelijk beroep (priester,dominee) uitoefenend)
Naar de spreekwoorden

9 definities op Encyclo
  1. Eng: labourer algemeen - iemand die behoort tot de klasse van arbeiders…
  2. Fr: ouvrier [arbeidsrecht] werknemer die in hoofdzaak handarbeid verricht…
  3. iemand die lichamelijk werk doet waar weinig opleiding voor nodig is vb: er werkten in 1900 veel arbeiders in de fabrieken gastarbeider [arbeider uit het buitenland die h...
  4. •iemand die voor een loon arbeid levert.
  5. Iemand die in loondienst werkt en hoofdzakelijk handenarbeid verricht.
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met arbeider:
arbeiderismearbeidersarbeidersbewegingarbeidersbewegingenarbeidersbuurtarbeidersbuurtenarbeidersraadarbeidersstadarbeiderswoning

Deze woorden eindigen op arbeider:
dwangarbeidergastarbeiderhavenarbeiderhandarbeiderseizoenarbeiderfabrieksarbeider

Herkomst volgens etymologiebank.nl
arbeider

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 99% van de Nederlanders en 100% van de Vlamingen het woord `arbeider`.