de albatros

zelfst.naamw. (m.)
Uitspraak:  ['ɑlbatrɔs]
Verbuigingen:  albatros|sen (meerv.)

zeevogel met zeer lange vleugels
Voorbeeld:  `Albatrossen kunnen lange afstanden afleggen.`

© Kernerman Dictionaries.

14 definities op Encyclo
  1. • [dierkunde] een grote zeevogel met lange vleugels.
  2. Let op: Spelling (deels) uit 1864: m. (-sen), stormvogel.
  3. Let op: Spelling van 1914 Zie PELECANUS.
  4. stormvogel Jaar van herkomst: 1763 (WNT )
  5. grote, meeuwachtige zeevogel met een haaksnavel en krachtige, lange vleugels die vaak meevliegt met schepen
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met albatros:
albatrossen

Herkomst volgens etymologiebank.nl
albatros (soort stormvogel van het geslacht Diomedea)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 98% van de Nederlanders en 98% van de Vlamingen het woord `albatros`.