de aidsbesmetting

zelfst.naamw. (v.)
Uitspraak:  ['etsbəsmɛtɪŋ]
Verbuigingen:  aidsbesmetting|en (meerv.)

keer dat je besmet raakt met het aidsvirus
Voorbeeld:  `het risico op aidsbesmetting als je zonder condoom vrijt`

© Kernerman Dictionaries.