afkorten
werkw.
1) (een volledige vorm) korter maken | Voorbeelden: | `'Mevrouw' wordt afgekort tot mw.`, `Leids Universitair Medisch centrum wordt afgekort als LUMC.` | |
| Synoniem: | inkorten |
2) een stuk afzagen of afsnijden van (iets) | Voorbeelden: | `laminaat afkorten`, `afkortzaagmachine` | |
Synoniemen
abbreviëren 4 definities op Encyclo
- • [ov] [taalkunde] kortere versies voor veelgebruikte woorden of woordgroepen bedenken (+audio)
- [ bouwkundige termen] Het in de dwarsrichting, dwars op de vezelrichting, doorzagen van hout. Het in de langsrichting doorzagen van hout wordt schulpen genoemd.
- 1) Ten dele schrijven 2) Letters weglaten 3) Kleiner maken 4) Aftippen 5) Bekorten 6) Verkort schrijven 7) Abbreviëren
- verkorten door weglating
Toon uitgebreidere definitiesVraag & Antwoord voor je slimme speaker
Wat is de verleden tijd van afkorten?
De verleden tijd van afkorten is 'kortte af'. Het voltooid deelwoord is 'heeft afgekort'.
Wat betekent afkorten?
'(een volledige vorm) korter maken' en 'een stuk afzagen of afsnijden van (iets)'
Hoe spel je afkorten?
afkorten spel je A F K O R T E N
Wat is een ander woord voor afkorten?
Een ander woord afkorten is abbreviëren.Op andere websites
Zoek afkorten in het
Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek afkorten op
Google
Zoek afkorten op
Woordenlijst.org
Zoek afkorten in de woordenboeken van het
Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek afkorten op
Wikipedia