afhakken

werkw.
Verbuigingen:  hakte af
Verbuigingen:  afgehakt

1) door te hakken iets afscheiden
Voorbeeld:  `De zijtakken werden eerst van de gevelde boom afgehakt.`

2) enz.

3) tweede betekenisomschrijving
Voorbeeld:  `Zin met het afhakken in de tweede betekenis erin.`


Bron: WikiWoordenboek.

Synoniemen
afhouwen afkappen afsteken hakken houwen

2 definities op Encyclo
  • door slaan met een bijl van elkaar scheiden vb: ik hakte de tak van de boom af
  • 1) Afhouwen 2) Afkappen 3) Afslaan 4) Afsteken 5) Bekappen 6) Bikken 7) Hakken 8) Houwen 9) Kappen 10) Korter maken 11) Opbikken
  • Toon uitgebreidere definities