achtdaags

bijv.naamw.

acht dagen durend
Voorbeelden:  `We gingen op een achtdaagse vakantie naar Spanje.`,
`(...) en vlucht met zijn dochters weg onderzee...`


Bron: WikiWoordenboek.

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 97% van de Nederlanders en 97% van de Vlamingen het woord `achtdaags`.