de aanstoot

zelfst.naamw. (m.)
Verbuigingen:  aanstoten
Verbuigingen:  aanstootje

1) een ergernis veroorzaken, zich aan iets ergeren
Voorbeelden:  `Zit toch niet zo'n aanstoot te geven!`,
`Veel mensen nemen aanstoot aan naaktfoto's in de openbare ruimte.`

2) een botsing, of iets met een bruuske beweging een zetje geven
Voorbeeld:  `De aanstoot van een biljardbal met een keu.`


Bron: WikiWoordenboek.

Synoniemen
ergernis irritatie misnoegen schandaal

Spreekwoorden en zegswijzen
• een steen des aanstoots (=een ernstige hindernis, een hinderlijk persoon)
Naar de spreekwoorden

Intensiveringen
Uitdrukkingen die aanstoot betekenen (waarin het woord zelf niet voorkomt):
aanstoot geven;

5 definities op Encyclo
  1. waar je je aan ergert vb: je geeft wel aanstoot met die korte rokken Synoniemen: ergernis irritatie
  2. Let op: Spelling (deels) uit 1864: m. (-en), schok door het stooten of vallen van twee voorwerpen tegen elk.; beletsel, hinderpaal, belemmering; figuurlijk schandaal, e...
  3. Spreekwoorden: (1914) Aanstoot geven. Het znw. aanstoot komt in den bijbel voor in den zin van het voorwerp, waaraan men zich stoot, waarover men kan struikelen, een stru...
  4. •een ergernis.
  5. 1) Ergernis 2) Irritatie 3) Misnoegen 4) Ongerief 5) Schandaal
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met aanstoot:
aanstootgevend

Herkomst volgens etymologiebank.nl
aanstoot (aanleiding tot zonde; ergernis)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 100% van de Nederlanders en 99% van de Vlamingen het woord `aanstoot`.