Ia de Canadees
zelfst.naamw. (m.)
| Uitspraak: | [kɑna'des] |
| Afbreekpatroon: | Ca·na·dees |
| Verbuigingen: | Canadezen (meerv.) |
Ib de Cana|dese
zelfst.naamw.
| Uitspraak: | [kɑna'|desə] |
| Afbreekpatroon: | Ca·na·dees |
| Verbuigingen: | Canadesen (meerv.) |
iemand met de Canadese nationaliteit II Canadees
bijv.naamw.
| Uitspraak: | [kɑna'des] |
| Afbreekpatroon: | Ca·na·dees |
als iemand of iets uit Canada komt of met Canada te maken heeft 2 definities op Encyclo
- 1) Bewoner van Canada 2) Vaartuig 3) Uit Canada afkomstig 4) Inwoner van Noord-Amerika 5) Inwoner van het hoge noorden 6) Inwoner van Canada 7) Inwoner van Amerika
- van Canada; uit Canada; in Canada iemand met de Canadese nationaliteit; iemand die behoort tot het Canadese volk; iemand die afkomstig is uit Canada; inwoner van Canada In het meervoud ook in toepassing op het volk, en, meestal in het meervoud, ook in toepassing op vertegenwoordigers van een nationale sportpl...
Toon uitgebreidere definitiesDeze woorden eindigen op Canadees:
•
zeilcanadeesVraag & Antwoord voor je slimme speaker
Is het 'de Canadees' of 'het Canadees'?
Het is 'de Canadees', want Canadees is mannelijk. Als je het aanwijst is het 'die Canadees'.
Wat is het meervoud van Canadees?
Het meervoud van Canadees is 'Canadezen'. Eén Canadees, twee Canadezen.
Wat betekent Cana|dese?
'iemand met de Canadese nationaliteit'
Hoe spel je Cana|dese?
Cana|dese spel je Hoofdletter-C A N A Hoofdletter-| D E S E Op andere websites
Zoek
Canadees op Woordenlijst.org
Zoek
Canadees op Google
Zoek
Canadees op Wikipedia