• je mannetje kunnen staan (=zich goed kunnen verdedigen) • iets mannetje voor mannetje doen (=iets strikt volgens plan uitvoeren) • iemand in het zonnetje zetten (=iemand op positieve wijze aandacht geven, iemand eer bewijzen) • het zonnetje in huis (=iemand die zorgt voor een goede, opgeruimde sfeer) • het dunnetjes overdoen (=het nog een keertje op dezelfde manier herdoen) Toon alle 7 spreekwoorden die netje bevatten