Doorverwezen van voorbijgegaan > voorbijgaan Toon zonder doorverwijzing

voorbijgaan

werkw.
Uitspraak:  [vor'bɛixan]
Vervoegingen:  ging voorbij (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  is voorbijgegaan (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen

1) tot het verleden gaan behoren
Voorbeeld:  `Weken gingen voorbij zonder dat er iets veranderde in de situatie.`
Synoniem:  overgaan
van voorbijgaande aard  (tijdelijk) `De pijn was van voorbijgaande aard.`

2) gaan langs
Voorbeelden:  `Een stoet gaat voorbij.`,
`In de laatste honderd meter ging hij zijn tegenstander voorbij.`
Synoniem:  passeren
een kans voorbij laten gaan  (niet profiteren van een kans) Synoniem: een kans laten liggen
iets gaat aan je neus voorbij  (je krijgt iets (leuks of interessants) niet) `De opdracht ging aan haar neus voorbij.` Synoniem: je loopt iets mis

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
aflopen heengaan inhalen langsgaan omgaan omkomen omlopen ontsnappen overgaan overtrekken overwaaien passeren vergaan verlopen verstrijken vervallen voorbijrijden

4 definities op Encyclo
  1. langs iemand of iets gaan vb: we zagen Theo voorbijgaan ergens aan voorbijgaan [er geen aandacht aan schenken] in het voorbijgaan [terloops]
  2. • [erga] langs een bepaald punt gaan. • [erga] tot verleden gaan behoren. • [inerg] niet in beschouwing nemen.
  3. [Mil. Woordenboek, spelling van 1861 ``Voorbijgaan``] Den vijand V., eene flank voorbijtrekken, het algemeene begrip, waaronder ook het omtrekken (zie Omtrekking) valt; h...
  4. 1) Aflopen 2) Heengaan 3) Inhalen 4) Langs iets komen 5) Langsgaan 6) Langskomen 7) Omgaan 8) Omkomen 9) Omlopen 10) Ontsnappen 11) Overgaan 12) Overtrekken 13) Overwaaie...
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met voorbijgaan:
voorbijgaan aanvoorbijgaand

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 100% van de Nederlanders en 99% van de Vlamingen het woord `voorbijgaan`.